Een treurig lied



De hemel gaat in wolken schuil,
de aarde gaat in lompen,
ons licht en leven is vervuild,
wij wachten op een wonder.

De huizen zijn cement en steen
en houden ons gevangen,
de mensen voelen zich alleen
in onvervuld verlangen.

De mensen stoten naar elkaar
met woorden en met handen,
wij vallen aan elkander zwaar,
zo doodt de een de ander.

Wij zijn elkander hard als steen,
zo kil en koud als ijzer,
wij bijten woorden om ons heen
en worden maar niet wijzer.

Toch willen we wel wijzer zijn,
een nieuw begin beginnen;
maar wie zal onze toekomst zijn,
bij wie we vrede vinden?

‘Wie zeventig maal zeven maal
een ander kan vergeven,
die roept zichzelf tot nieuw bestaan,
een nieuw begin van leven.’

 


Tekst: Michaël Steehouder
Melodie: Jesu dulcis memoria
Gepubliceerd in Een kring van mensen (1991) en Om de aarde te bewonen (2010). Een eerdere versie is op muziek gezet door André Telderman en opgenomen op de LP Een lied van samenkomst (1975).
Terug naar de alfabetische lijst